Bukowski, Goldhagen en ik

Ik leef vandaag in een parallel universum waarin de dingen niet helemaal kloppen, op een verontrustende manier. Zo dacht ik altijd dat het gedicht ‘The genius of the crowd’ van Charles Bukowski in zijn bundel ‘Burning in water, drowning in flame’ stond, maar vandaag is dat niet zo. Omdat het ook niet staat in één van de andere bundels die ik van Bukowski bezat in de tijd dat ik het gedicht leerde kennen, kan het dus niet zo zijn dat ik het ken.
Dat is nog niet zo erg, ik ken het gewoon lekker toch, maar toen ik op zoek ging naar het manuscript van het door mij geschreven gedicht dat ik hieronder ga publiceren, kon ik een hele stapel manuscripten niet meer terug vinden. Ja, dat kan me zo maar een stuk van m’n pensioen kosten. Het zal wel niet, maar stel je voor. Dit universum staat me niet zo aan, ik wil wel graag weer terug naar m’n eigen. Dat was ook niet zo bijzonder, maar ik was zo’n beetje gewend geraakt aan de normale pech die ik daar altijd had. Nieuwe pech is weer zo… akelig of zo.

Okee, eerst maar eens Bukowski. Omdat ik het gedicht niet terug kan vinden in de bundel waar het volgens mij in staat, moeten we het vandaag maar doen met een gedownloade versie, waarin dus de tabs en woordverplaatsingen niet zitten die een gedicht van Bukowski over het algemeen kenmerken. Mager, maar het moet maar. Hoewel, ik kan er nog wel een mp3-tje bijdoen, waarop de meester zelf voorleest:

GeniusOfTheCrowd

http://pjcats.nl/wp-content/uploads/2011/05/The-genius-of-the-crowd.pdf

Iedereen heeft natuurlijk zijn eigen interpretatie van wat hier staat. Voor mij is het een uitdrukking van het ongenoegen en de rancune die je overal om je heen kunt waarnemen en die op verschillende momenten op verschillende manieren tot uitdrukking kan komen. We hebben er op het ogenblik nogal veel van in Nederland en er is zelfs een hele politieke partij op deze rancune gebaseerd. Je kunt zien hoe de deelnemers aan deze groep plezier hebben in hun haat en in de macht die ze eventjes hebben. En zie ook eens hoe goed ze aan Bukowski’s criteria voldoen: ‘quick to censor, seek constant crowds, destroy anything that differs from their own’.
Het is ook heel aardig dat Bukowski onderscheid maakt tussen mensen die creëren, die dus in constructief opzicht iets toevoegen aan de wereld en de degenen die dat niet doen. Ik denk inderdaad dat mensen die er maar niet in slagen iets positiefs aan de wereld bij te dragen, vervallen in rancune, ongenoegen en uiteindelijk haat tegen alles wat dat wel doet.

Daniel Jonah Goldhagen baarde eind jaren negentig opzien met zijn boek ‘Hitler’s willing executioners’. Heel in het kort en ongetwijfeld verkeerd gezegd beweerde hij daarin dat het toch wel opmerkelijk was dat het Duitse volk zo bereidwillig achter Hitler had gestaan en dat er toch tamelijk veel mensen actief betrokken waren bij de massamoord die de Duitsers zo efficiënt uitvoerden op Joden, gehandicapten, zigeuners, homo’s en anderen die niet enkel het regime, maar blijkbaar hele bevolkingsgroepen onwelgevallig waren. De storm die zijn boek teweeg bracht, indiceerde dat hij op zijn minst een teer punt raakte, wat overigens natuurlijk niet wil zeggen dat hij rechtstreeks helemaal gelijk had in alles wat hij beweerde.
Eind vorig jaar las ik een ander boek van Goldhagen, ‘Erger dan oorlog’. Daarin geeft hij volgens mij zo’n beetje antwoord op de vraag die hij met ‘Hitler’s willing executioners’ opriep: hoe kan het toch dat gewone mensen tot verschrikkelijke dingen in staat zijn in tijden van crisis?
Een groot deel van het antwoord dat Goldhagen geeft overlapt met Bukowski’s ‘genius of the crowd’. Genocide is een uitlaatklep voor individueel ongenoegen, voor persoonlijke rancune. Het is ook nog eens hartstikke leuk, zolang je d’r mee bezig bent. Niks zo lekker als die buurman waar je al zo lang de schurft aan hebt, echt letterlijk de kop in te slaan met een onscherpe spa. Je kunt nog veel meer doen, als je een keer de macht uit de loop van een Kalashnikov onder je trekkervinger hebt. En waarom zou je ophouden bij je buurman, als je toch eenmaal bezig bent? Je moet ook nog voorkomen dat je zelf slachtoffer wordt, nietwaar? Enzovoort.

Blijkbaar heb ik me ook wel eens afgevraagd hoe het nu zit met mijn eigen rancune. Ik geloof tenminste dat het onderstaande gedicht over dezelfde materie gaat die Bukowksi en Goldhagen aansnijden.

http://pjcats.nl/wp-content/uploads/2011/05/next.pdf

This entry was posted in Gedichten. Bookmark the permalink.